Flying Lap

Wat is Flying Lap?

Een flying lap, ook wel hot lap of push lap genoemd, is de ronde waarin een coureur op maximale snelheid rijdt om de snelst mogelijke tijd te klokken. Dit gebeurt vooral tijdens de kwalificatie, waarbij de rondetijd bepalend is voor de startpositie op de grid. De flying lap begint op het moment dat de auto over de start-finish lijn komt en eindigt wanneer de coureur deze lijn opnieuw passeert.

In het Nederlands wordt een flying lap soms een 'snelle ronde' of 'tijdronde' genoemd. De term 'flying' verwijst naar het feit dat de coureur al op snelheid is wanneer hij de start-finish lijn passeert, in tegenstelling tot een start vanuit stilstand. De flying lap volgt direct na de outlap, de langzame opwarmronde waarin banden en remmen op temperatuur worden gebracht.

Waarom is een flying lap sneller dan een raceronde?

Een flying lap is duidelijk sneller dan een rondetijd tijdens de race. Het verschil kan oplopen tot wel 3 tot 4 seconden per ronde. Dit komt door verschillende factoren: tijdens de kwalificatie rijdt de auto met minimale brandstof, wat hem lichter en wendbaarder maakt. De banden zijn bovendien vers en hebben de ideale temperatuur. Tijdens de race moet de coureur rekening houden met veel meer: een volle brandstoftank, bandenslijtage, verkeer op de baan, en het managen van de banden om de race uit te kunnen rijden.

De perfecte flying lap bestaat niet

Elke coureur zal bevestigen dat de perfecte flying lap niet bestaat. Hoe goed een ronde er ook uitziet, er zijn altijd kleine momenten waarop tijd verloren gaat. Een iets te late remming, verkeer op de baan, of banden die net iets te warm worden kunnen het verschil maken. De Pirelli-banden die tegenwoordig in de Formule 1 worden gebruikt, hebben een korte levensduur en kunnen zelfs tijdens één flying lap oververhit raken, waardoor grip verloren gaat aan het einde van de ronde.

Flying lap in de praktijk

Tijdens de drie kwalificatiesessies (Q1, Q2 en Q3) krijgen coureurs meerdere kansen om een snelle flying lap neer te zetten. Teams en coureurs werken nauw samen om verkeer te vermijden en het juiste moment te vinden om de baan op te gaan. Blauwe vlaggen beschermen coureurs op een flying lap tegen langzamer rijdend verkeer, en het blokkeren van een coureur op een flying lap kan leiden tot een gridstraf van drie plaatsen.