Actieve Aerodynamica

Wat is Actieve Aerodynamica?

Actieve Aerodynamica is het systeem van bewegende voorvleugel- en achtervleugelelementen dat vanaf 2026 in de Formule 1 wordt gebruikt. De term staat voor actieve aerodynamica, waarbij coureurs zelf de hoek van de vleugels kunnen aanpassen om de luchtweerstand en neerwaartse druk te veranderen. Het vervangt het oude DRS-systeem en werkt anders dan zijn voorganger.Het systeem kent twee modi. In Corner Mode staan de vleugels in hun standaardpositie: gesloten, zodat ze maximale neerwaartse druk leveren voor grip door de bochten. In Straight Mode klappen zowel de voor- als achtervleugel plat, waardoor de luchtweerstand afneemt en de auto meer topsnelheid haalt op rechte stukken. De coureur bedient het systeem handmatig via een knop in de cockpit.

Hoe werkt Actieve Aerodynamica?

De FIA bepaalt per circuit waar Active Aero mag worden geactiveerd. Dit zijn vaste zones op het rechte gedeelte van het circuit, vergelijkbaar met de oude DRS-zones. Het verschil met DRS is dat elke coureur Active Aero mag gebruiken in deze zones, ongeacht of er een auto binnen een seconde voor hem rijdt. Er zijn vaak meer activatiezones per circuit dan voorheen DRS-zones waren.Wanneer de coureur remt of gas loslaat, sluiten de vleugels automatisch weer. Hij kan ze ook handmatig sluiten. Bij slecht weer kan de wedstrijdleiding besluiten om alleen de voorvleugel te laten bewegen, terwijl de achtervleugel dichtblijft voor extra veiligheid.

Waarom Active Aero?

Active Aero is nodig om de nieuwe hybride motoren van 2026 goed te laten werken. Deze krachtbronnen produceren veel meer elektrische energie, waardoor de auto's op de rechte stukken anders presteren. Door de luchtweerstand te verminderen kunnen de wagens hun snelheid beter vasthouden en efficiënter omgaan met energie. Het systeem helpt ook bij het dichten van het gat tussen de auto's, omdat iedereen het kan gebruiken en niet alleen coureurs die vlak achter een andere auto rijden.De overstap naar Active Aero vergroot wel de werkdruk voor coureurs. Ze moeten vaker schakelen tussen de twee modi dan voorheen met DRS, wat meer concentratie vraagt tijdens de race.