MGU-H

Wat is MGU-H?

De MGU-H (Motor Generator Unit - Heat) was een onderdeel van de hybride motoren in de Formule 1 dat warmte uit de uitlaatgassen omzette in elektrische energie. Van 2014 tot en met 2025 vormde dit systeem samen met de MGU-K de basis van het Energy Recovery System (ERS) in F1-auto's.

Het systeem zat direct op de turbocompressor gemonteerd, tussen de turbine en de compressor. Wanneer hete uitlaatgassen door de turbo stroomden, kon de MGU-H deze warmte-energie opvangen die anders verloren zou gaan. Die energie kon vervolgens worden opgeslagen in de batterij of direct naar de MGU-K gestuurd worden om extra vermogen naar de wielen te sturen.

Hoe werkte de MGU-H?

De MGU-H had twee werkingsmodi. Als generator zette het de rotatie van de turbocompressor om in elektriciteit. Als motor kon het juist de turbo aandrijven, waardoor het fenomeen turbolag vrijwel volledig werd geëlimineerd. Dit betekende dat coureurs altijd direct vermogen hadden wanneer ze gas gaven, zonder vertraging.

Het systeem draaide tot wel 125.000 toeren per minuut - extreem snel vergeleken met een normale auto-motor die onder de 7.000 toeren blijft. Door deze technologie behaalden de moderne F1-motoren een thermische efficiëntie van meer dan 50 procent, wat betekent dat meer dan de helft van de brandstofenergie werd omgezet in bruikbare kracht.

Waarom werd de MGU-H verwijderd?

Vanaf 2026 is de MGU-H uit het F1-reglement geschrapt. De reden hiervoor is vooral praktisch: het onderdeel was buitengewoon complex en kostbaar om te ontwikkelen en te onderhouden. Bovendien bleek de technologie niet geschikt voor gewone straatauto's. Mercedes probeerde het wel toe te passen in hun AMG-modellen, maar concludeerde dat het niet werkbaar was voor reguliere voertuigen.

Door de MGU-H te verwijderen wordt de MGU-K veel krachtiger gemaakt - van 120 kilowatt naar 350 kilowatt. Dit maakt de aandrijflijn eenvoudiger en aantrekkelijker voor nieuwe motorleveranciers. Een nadeel is wel dat coureurs nu te maken krijgen met turbolag bij het starten en dat er meer aandacht nodig is voor energiemanagement tijdens het rijden.