Gasly verliet de baan bij bocht 1 en kwam pas na bocht 3 weer op het circuit terecht. Hij gaf direct de positie terug aan Franco Colapinto, die hij door de actie was voorbijgestreefd. Aan het einde van het rechte stuk na bocht 3 werd Gasly vervolgens ingehaald door Lawson bij bocht 4, waarbij lichte aanraking ontstond tussen beide auto’s.
De stewards onderzochten het incident als mogelijke overtreding van artikel B1.8.6 van het FIA F1-reglement. Daarbij keken ze naar beeldmateriaal en de positioneringsdata van het marshallingsysteem. Opvallend detail: de extra richtlijnen die de stewards op 31 oktober hadden uitgegeven, schreven voor dat een auto die bij bocht 1 na een herstart de baan verlaat, uiterlijk bij bocht 4 de positie moet teruggeven.
Gasly deed dit pas bij bocht 5, één bocht later dan de richtlijn voorschrijft. Toch besloten de stewards geen verdere actie te ondernemen. Doorslaggevend was dat Gasly door het hele voorval uiteindelijk geen positie had gewonnen, hij verloor er juist één aan Lawson. Ook de aanraking tussen de twee auto’s werd als te licht beoordeeld om een straf te rechtvaardigen.
Lees ook: Russell was ‘ontdaan’, zegt Wolff over zijn afwezigheid na de race in Mexico
De beslissing werd genomen door de wedstrijdleiding, bestaande uit Garry Connelly, Loïc Bacquelaine, Derek Warwick en Omar Chávez Jiménez. Teams kunnen tegen besluiten van de stewards in beroep gaan volgens artikel 15 van de FIA International Sporting Code.
