Jack Brabham is een van de weinige coureurs die de Formule 1 zowel achter het stuur als aan de tekentafel naar zijn hand heeft gezet. De Australiër werd drievoudig wereldkampioen en is tot op heden de enige coureur die de titel pakte in een auto die zijn eigen naam droeg.
Van vliegtuigmonteur tot coureur
Brabham, geboren in Hurstville bij Sydney, begon zijn loopbaan niet achter het stuur maar onder de motorkap. Hij diende als vliegtuigmonteur bij de Royal Australian Air Force en opende na de oorlog een eigen garagebedrijf in Sydney. Die technische achtergrond zou zijn hele carrière kenmerken: Brabham was net zo goed thuis met een sleutelset als met een stuur in zijn handen. In 1955 verhuisde hij naar Engeland om voor Cooper te gaan rijden, destijds een van de pioniers van het middenmotor-concept in de Formule 1.
Twee titels bij Cooper
Bij Cooper groeide Brabham uit tot topcoureur. In 1959 pakte hij zijn eerste wereldtitel op dramatische wijze: bij de laatste race van het seizoen, de US Grand Prix in Sebring, kwam hij op de slotronde zonder brandstof te staan en duwde hij zijn auto de laatste vierhonderd meter over de finish om als vierde de titel veilig te stellen. Een jaar later herhaalde hij dat huzarenstukje zonder theatrale slotronde: in 1960 won hij met Cooper opnieuw het kampioenschap, met vijf overwinningen in acht races. Zijn stille, ingetogen aanpak leverde hem de bijnaam ‘Black Jack’ op, verwijzend naar zowel zijn haarkleur als zijn karakter. Volgens de Formule 1 zelf was hij altijd een man van weinig woorden, die small talk meed en zich uiterst ingetogen gedroeg, terwijl hij achter het stuur allesbehalve verlegen was.
Eigen team, eigen titel: 1966
Na twee titels voelde Brabham dat Cooper de aansluiting bij nieuwe concurrenten dreigde te verliezen. Hij vertrok en richtte samen met landgenoot Ron Tauranac zijn eigen constructeur op, Motor Racing Developments, beter bekend onder de naam Brabham. Voor het nieuwe 3-liter-reglement van 1966 haalde hij het Australische bedrijf Repco over om op basis van een oude Oldsmobile-V8 een Formule 1-motor te bouwen. Het resultaat overtrof de verwachtingen: Brabham werd op veertigjarige leeftijd wereldkampioen in een auto die zijn eigen naam droeg, een unicum dat nog altijd overeind staat. Bij zijn eerste race na die veertigste verjaardag, in Zandvoort, verscheen hij uit zelfspot met een nepbaard en wandelstok op de grid, als antwoord op de spot van jongere rivalen over zijn leeftijd.
1967 en 1968: de rol van leermeester
In 1967 bleef het team van Brabham aan kop, maar niet Jack zelf pakte de titel: teamgenoot Denny Hulme werd wereldkampioen, terwijl Brabham als vice-kampioen eindigde. Het seizoen liet wel zien dat hij nog altijd kon winnen: hij pakte de overwinning in de Franse Grand Prix, kwam vanaf de zevende startplaats terug tot de zege in Canada en stond meerdere keren op het podium. In 1968 liep het minder soepel. Brabham kende een reeks tegenslagen met uitvalbeurten in onder meer Zuid-Afrika, Monaco en België, en moest in Spanje zelfs vanaf de laatste plek starten. De dominantie van de Repco-motor was inmiddels voorbij; andere fabrikanten hadden de achterstand ingelopen.
Afscheid en nalatenschap
Brabham bleef nog tot en met 1970 actief in de koningsklasse en sloot zijn rijdersloopbaan af zoals hij die begonnen was: winnend. Zijn laatste Grand Prix-overwinning kwam in 1970 in Zuid-Afrika, waarna hij zijn helm definitief aan de wilgen hing. Na zijn actieve carrière verkocht hij zijn renstal aan Bernie Ecclestone, die uitgroeide tot de commerciële baas van de Formule 1. Brabham werd in 1979 geridderd en in 1990 opgenomen in de International Motorsports Hall of Fame. Hij overleed op 19 mei 2014 op 88-jarige leeftijd in zijn woonplaats Gold Coast in Australië. Zijn zoons David, Gary en Geoff reden zelf ook autoraces, met David als de bekendste naam in de Formule 1. Binnen de sport wordt Brabham vooral herinnerd als de coureur-ingenieur die bewees dat rijden en bouwen elkaar niet hoeven uit te sluiten, en die als enige ooit wereldkampioen werd in een auto met zijn eigen naam op de neus.
