Negen maanden geleden was er nog niets. Geen monteurs, geen procedures, geen gebouw met een geschiedenis. Alleen een lege loods en een plan. Voor Peter Crolla, de man die dat Cadillac raceteam moest optuigen, was die periode het hoogtepunt van zijn carrière. Opvallend genoeg werkt hij inmiddels alweer voor een andere teambaas dan degene die hem aannam.
Van Haas naar Cadillac, tien jaar later
Crolla bracht negen jaar door bij Haas, het team dat in 2016 als laatste nieuwkomer tot de Formule 1 toetrad. Toen Cadillac op zoek ging naar een teammanager, hoefde het niet ver te zoeken. Crolla was toe aan iets nieuws. “Ik was er echt klaar voor om iets anders te doen, en ik had iets nodig om mijn enthousiasme voor de sport terug te krijgen”, vertelde hij tijdens de Grand Prix van België tegenover Motorsport.com, nog voor het teambazenwissel bij Cadillac bekend werd.
Lees ook: Colapinto: coureurs gooien zelf olie op het vuur bij online haat
Hij noemt de vergelijking met Haas expliciet. “De sport was toen een heel andere plek. We zaten nog in het Bernie Ecclestone-tijdperk.” Tien jaar later gelden andere regels, een langere kalender en hogere eisen. Toch nam Crolla de kennis van zijn eerste start-up mee naar zijn tweede.
Negen maanden bouwen aan het Cadillac raceteam, zonder handleiding
Terwijl de fabriek in Silverstone al stond, was het trackside team compleet leeg. Samen met logistiek manager Pete Simmons en chief mechanic Nathan Divey moest Crolla alles vanaf nul opzetten: materiaal, procedures, pitstopprotocollen. “Er is geen boek. Er zijn geen richtlijnen voor hoe je dit doet”, zei Crolla. “Maar we wisten dat het er gewoon moest staan. Er was geen excuus voor iets dat er niet was.”
Lees dit soort nieuws ook onderweg in de F1Head app
Gratis beschikbaar voor Android, push-notificaties bij breaking news, WK-standen, kalender en meer.
De werving verliep allesbehalve soepel. Veel kandidaten zaten vast aan opzegtermijnen van drie tot zes maanden, waardoor het grootste deel van de nieuwe mensen pas in de tweede helft van 2025 instroomde. “Er was geen wittebroodsweken-periode”, aldus Crolla. “Er kwam elke dag een enorme hoeveelheid materiaal binnen, en de werklast was gigantisch. Maar iedereen kwam die uitdaging aan.”
Oostenrijk als dieptepunt
Cadillac haalde elke interne en externe deadline en reed zijn eerste race in Australië zelfs met beide auto’s uit. Daarna volgden betrouwbaarheidsproblemen, waardoor het team onderaan de constructeursstand door Aston Martin werd ingehaald. “Dat waren niet de makkelijkste mijlpalen om te halen. Er zaten letterlijk bloed, zweet en tranen in”, blikte Crolla terug. Oostenrijk noemt hij zelf een dieptepunt, maar volgens hem hoort dat bij het proces. “Niets wat we gedaan hebben wijkt af van wat ik verwachtte. Ik verwachtte het misschien wel iets zwaarder.”
Lees ook: Oekraïne stuurt brief naar FIA over opheffen Rusland-verbod
Budkowski neemt het stokje over
Inmiddels is de situatie bovenaan veranderd. Graeme Lowdon, die volgens Crolla de drijvende kracht was achter het debuutjaar, werd vervangen door Marcin Budkowski. Cadillac trekt tegelijk de stekker uit verdere ontwikkeling van de 2026-auto, zo bleek eerder al uit het besluit rond Bottas. Crolla blijft desondanks vooruitkijken naar de nieuwe fabriek in Fishers, Indiana, die volgend jaar in gebruik wordt genomen, en de uitbreiding van de vestiging in Silverstone.
“Beginnen met racen is niet het eindpunt van het opbouwen van een bedrijf. Het is gewoon weer een volgende fase”, zei Crolla. Het klinkt als de nuchtere conclusie van een man die weet dat een team bouwen makkelijker is dan het overeind houden. De vraag is nu of Budkowski dat proces met dezelfde rust kan voortzetten als waarmee Crolla het begon.