Fuel Load (Nederlandse term: brandstofbelasting) verwijst naar de hoeveelheid brandstof die een F1-auto aan boord heeft, met name aan het begin van een race. Sinds 2010 mogen teams tijdens een race niet meer bijtanken, wat betekent dat de auto met alle benodigde brandstof voor de volledige raceafstand moet starten. De hoeveelheid brandstof die een team kiest heeft een grote impact op de snelheid, strategie en prestaties tijdens de race.
Maximale brandstofcapaciteit
Vanaf 2019 mogen F1-auto's maximaal 110 kilogram brandstof meenemen per race. Deze limiet werd verhoogd van 105 kilogram in 2018 om coureurs de mogelijkheid te geven vaker op de limiet te rijden zonder constant brandstof te moeten besparen. Brandstof wordt in de Formule 1 in gewicht gemeten in plaats van volume, omdat het volume van brandstof kan veranderen door temperatuurschommelingen, terwijl het gewicht constant blijft.
Waarom teams niet vol tanken
Hoewel de tank 110 kilogram brandstof kan bevatten, vullen teams hun auto's zelden helemaal tot de maximale capaciteit. De reden is simpel: gewicht kost rondetijd. Elke extra kilogram brandstof maakt de auto zwaarder en daardoor langzamer. Daarom berekenen ingenieurs tijdens de vrije trainingen en testsessies precies hoeveel brandstof nodig is om de race uit te rijden, vaak met een buffer van ongeveer twee extra ronden voor onverwachte situaties zoals extra formatieronden of safety car-periodes.
Teams kiezen soms bewust voor een lagere fuel load om de openingsfase van de race sneller te kunnen rijden. Met een lichtere auto kun je beter accelereren, remmen en door bochten gaan. Later in de race moet de coureur dan wel zuiniger rijden door technieken als 'lift and coast' toe te passen, waarbij hij eerder van het gaspedaal gaat voor een bocht om brandstof te besparen.
Impact op strategie en prestaties
De fuel load heeft directe invloed op de racestrategie. Een auto die start met 100 kilogram brandstof is aanzienlijk sneller in de openingsronden dan een concurrent met 110 kilogram aan boord. Dit kan teams helpen om positie te winnen of zich vrij te vechten uit het verkeer. Het nadeel is dat je later in de race mogelijk moet liften en niet meer vol gas kunt geven.
De brandstoftank zit tussen de coureur en de motor, wat belangrijk is voor het zwaartepunt van de auto. Naarmate de race vordert en brandstof wordt verbruikt, verandert het gewicht en de balans van de auto. Dit kan de rijkarakteristieken beïnvloeden, vooral in het laatste deel van de race wanneer de auto veel lichter is geworden.
Regels en controle
De FIA controleert het brandstofgebruik streng. Na afloop van de race moet elk team minimaal één liter brandstof kunnen leveren voor controle. Als een team dit niet kan, volgt diskwalificatie, zoals Sebastian Vettel overkwam na de Grand Prix van Hongarije in 2021. Daarnaast mag de brandstoftoevoer tijdens de race niet meer bedragen dan 100 kilogram per uur, wat continu wordt gecontroleerd door sensoren die 2.200 keer per seconde de brandstofstroom meten.