Terwijl duizenden Nederlanders zich weer in het oranje hijsen voor wat de laatste Dutch GP wordt, doet de man die daar grotendeels verantwoordelijk voor is iets vreemds: hij wijst het compliment af. Max Verstappen wil niet de reden zijn waarom motorsport in Nederland ontplofte. “Ik hoef dat niet van de daken te schreeuwen”, zegt hij er zelf over.
Verstappen relativeert eigen rol in Nederlandse motorsport
De cijfers vertellen een ander verhaal dan Verstappen zelf wil vertellen. In 2014, een jaar voor zijn debuut, trok een raceweekend op Zandvoort ongeveer 35.000 bezoekers over drie dagen. In 2021 verkocht de Dutch GP in één weekend 305.000 tickets. Bijna een vernégenvoudiging. Ook buiten Nederland is het effect voelbaar: bij de GP van Oostenrijk in Spielberg groeide het aantal Nederlandse bezoekers van zo’n 5.000 in 2014 naar meer dan 50.000 in 2023.
Lees ook: George Russell verlooft zich met Carmen Mundt tijdens zomerstop
Verstappen zelf blijft nuchter. “Ik wil niet zeggen dat het allemaal door mij komt”, zei hij tegen Formule 1 Magazine. “Ik heb mijn steentje bijgedragen. Maar bovenal vind ik het geweldig om te zien dat motorsport echt leeft in Nederland. Ik hoef daar persoonlijk geen credits voor te pakken.”
Volgens hem speelt er meer dan alleen zijn eigen resultaten. “Er zijn gelukkig ook Nederlandse coureurs die het over het algemeen goed doen in verschillende klassen en ook aardig wat teweegbrengen in Assen en Zandvoort. Het leeft, dat vind ik mooi.”
Lees dit soort nieuws ook onderweg in de F1Head app
Gratis beschikbaar voor Android, push-notificaties bij breaking news, WK-standen, kalender en meer.
De vergelijking met Cruijff
Verstappen zoekt de verklaring voor zijn populariteit liever in een breder principe dan in zijn eigen persoon. Hij haalt daarbij Johan Cruijff aan. “Succes helpt enorm. Als Johan Cruijff niet tegen een bal had kunnen trappen, was hij natuurlijk nooit zo populair geworden.” Prestaties alleen zijn volgens hem niet genoeg. Persoonlijkheid en voorbeeldfunctie tellen mee, zegt hij, en juist daarom leest hij weinig boeken, maar wil hij wel een nieuwe biografie over Cruijff lezen. “Zijn manier van denken en zijn uitspraken vind ik interessant.”
Waarom Zandvoort toch verdwijnt
Het is de paradox van dit verhaal. Terwijl de belangstelling voor motorsport in Nederland op een record staat, verdwijnt de Dutch GP na dit seizoen van de kalender. Een contractverlenging kwam niet tot stand. Formule 1 kiest voor markten in Azië en het Midden-Oosten, waar hostingfees van 60 tot 75 miljoen euro gangbaar zijn. Zandvoort betaalt naar schatting 30 miljoen euro per jaar en kan door de ligging tussen duinen en woonwijken ook niet uitbreiden.
Lees ook: Van Italiaans familieteam naar Brits precisiewerk: dit vond Hadjar ervan
Later deze maand rijdt Zandvoort zijn zesde en voorlopig laatste race. Het artiestenprogramma voor dat afscheidsweekend staat al vast, en de tribunes worden opnieuw uitverkocht verwacht. “Dat had ik zelf nooit verwacht”, zegt Verstappen. “Ik denk dat niemand dat deed. Toen ik de Formule 1 binnenkwam, dacht ik niet dat het allemaal zo goed zou uitpakken. De resultaten, de overwinningen, de titels, en natuurlijk de races op Zandvoort.”
Bescheidenheid met een prijs
In het rijdersklassement staat Verstappen dit seizoen zesde met 109 punten, ver achter leider Andrea Kimi Antonelli. Zijn toekomst bij Red Bull is bovendien nog niet rond, ondanks een nieuw contractvoorstel dat op tafel ligt. Volgens columnist Jos Doornbos wordt de toekomst van Verstappen juist tijdens dit laatste Zandvoort-weekend bevestigd.
Verstappen weigert dus applaus voor de aandacht voor motorsport in Nederland, die zonder hem waarschijnlijk niet had bestaan. Dat is misschien wel het meest opvallende aan deze hele situatie: in een sport die draait om ego’s en persoonlijke merken, kiest de succesvolste Nederlandse coureur ooit ervoor om zichzelf zo klein mogelijk te maken op het moment dat zijn erfenis het grootst is.