De groene vlag geeft aan dat de baan vrij is en dat coureurs voluit mogen racen. Het is een signaal dat de kust veilig is en dat normale raceomstandigheden gelden. In het Engels wordt deze vlag de 'Green Flag' genoemd.
Wanneer wordt de groene vlag gebruikt?
Je ziet de groene vlag op verschillende momenten tijdens een raceweekend. Bij de start van een training of kwalificatie wordt de vlag gezwaaid om aan te geven dat coureurs de baan op mogen. Ook voor het begin van de opwarmronde naar de start van de race zwaaien marshals met de groene vlag achter het startveld.
De belangrijkste functie is echter om aan te geven dat een gevaarlijke situatie voorbij is. Na een gele vlag, die wijst op gevaar, laat de groene vlag weten dat coureurs het incident gepasseerd zijn. Op dat moment vervalt het inhaalverbod en mogen ze weer op topsnelheid rijden.
Waar zie je de groene vlag?
De vlag wordt op meerdere plekken langs het circuit gebruikt. Marshals zwaaien hem bij hun post om aan te geven dat hun sector veilig is. Op moderne circuits zie je ook vaak digitale panelen die dezelfde informatie tonen via groene lampjes. Dit zorgt ervoor dat coureurs de signalen ook bij slecht zicht of 's nachts goed kunnen zien.
Het verschil met andere vlaggen
De groene vlag is het tegenovergestelde van de gele vlag. Geel betekent gevaar en langzamer rijden, groen betekent veilig en vol gas. Na een rode vlag, waarbij de sessie helemaal wordt stilgelegd, komt niet direct een groene vlag. Dan moeten coureurs eerst wachten op herstart-procedures.
Voorbeeld uit de praktijk
Stel dat er in bocht 7 een auto naast de baan staat. Bij bocht 6 zie je gele vlaggen en moet je voorzichtig rijden. Bij bocht 8 krijg je de groene vlag te zien. Dat betekent dat je het gevaar voorbij bent en weer kunt aanvallen. Voor coureurs die een snelle ronde willen rijden in de kwalificatie is dit moment belangrijk: ze weten dan precies waar ze weer vol op het gas kunnen.