Een hairpin is een bocht op een racecircuit met een extreem scherpe U-vorm van ongeveer 180 graden. De naam komt van de gelijkenis met een haarspeld (in het Engels: hairpin), doordat de baan bijna helemaal terugdraait op zichzelf. In het Nederlands wordt dit type bocht ook wel 'haarspeldbocht' genoemd, hoewel de Engelse term hairpin het meest gebruikt wordt in de Formule 1.
Hairpins behoren tot de langzaamste bochten op elk circuit. Waar F1-coureurs op rechte stukken snelheden van meer dan 300 kilometer per uur kunnen bereiken, moeten ze voor een hairpin vaak afremmen tot 30 à 60 kilometer per uur. Dit vraagt zwaar remwerk en het volledige stuuruitslag van de auto. De coureur moet flink terugschakelen, soms zelfs naar de eerste of tweede versnelling.
Waarom zijn hairpins belangrijk?
Door de lage snelheid zijn hairpins bij uitstek plekken waar ingehaald kan worden. Een coureur kan proberen later te remmen dan zijn concurrent en vervolgens aan de binnenkant van de bocht langs te duiken. Dit noemen we 'outbraken'. Omdat elke auto flink moet vertragen, ontstaat er een kans om positie te winnen. Daarom worden hairpins vaak aan het einde van lange rechte stukken geplaatst, waar auto's eerst flink kunnen versnellen voordat ze hard moeten remmen.
Bekende voorbeelden
De beroemdste hairpin in de Formule 1 is zonder twijfel de Fairmont Hairpin in Monaco (ook wel bekend als Loews Hairpin). Met een snelheid van slechts 30 tot 50 kilometer per uur is dit de traagste bocht van de hele kalender. De straal van deze bocht is zo klein dat moderne F1-auto's nauwelijks naast elkaar door de bocht kunnen, wat inhalen bijna onmogelijk maakt. Andere iconische hairpins zijn La Source op het circuit van Spa-Francorchamps in België en de hairpin op Circuit Gilles Villeneuve in Canada.
Uitdaging voor coureurs en teams
Het juiste lijntje vinden door een hairpin is lastig. Coureurs moeten de apex (het binnenste punt van de bocht) precies raken om de kortste route te nemen en maximale snelheid bij de uitgang te behouden. Omdat F1-auto's zijn ontworpen voor hoge snelheden, gedragen ze zich anders bij zulke lage snelheden. Er is weinig downforce en de auto moet vooral vertrouwen op mechanische grip. Sommige teams passen zelfs hun stuurinrichting aan voor circuits met extreme hairpins.