Lewis Hamilton eindigde de Grand Prix van Miami als zesde, maar de eindklassering vertelt niet het echte verhaal. Een aanraking in de eerste ronde kostte hem een halve seconde per ronde, een middelvinger richting Franco Colapinto ging viraal, en daarna volgde een opvallende conclusie: Hamilton stopt met de simulator.

Foto: Ferrari
Hamilton gooit het over een andere boeg na Miami: geen simulator meer
De aanraking in bocht 11
Het ging al vroeg mis. Nog vóór de eerste ronde voorbij was, kwamen Hamilton en Colapinto met elkaar in contact in bocht 11. Hamilton probeerde de Alpine-coureur aan de buitenkant in te halen, maar Colapinto gaf geen ruimte. De twee auto’s raakten elkaar, en de Ferrari liep schade op aan sidepod en vloer. De stewards openden geen onderzoek en beschouwden het als een race-incident.
Hamilton kon doorrijden en werkte zich even later langs Colapinto op de rechte stukken. Op dat moment was op onuitgezonden beelden te zien hoe Hamilton zijn rechterhand van het stuur haalde en zijn middelvinger opstak naar de Alpine. Het fragment dook later op via sociale media en zorgde voor de nodige reacties.
Halve seconde kwijt, race verloren
Via de boordradio maakte Hamilton al vroeg duidelijk hoe groot de schade was. “Het wordt een lange race zo”, zei hij op ronde drie. “Ik mis veel downforce.” Race-engineer Carlos Santi bevestigde dat Ferrari tien tot vijftien punten downforce verloor, vooral in de snelle bochten.
“Ik had gewoon pech dat ik in de spin van Max terechtkwam. Daardoor verloor ik al posities, en daarna had ik ook nog schade door Franco. Dat kostte me een hoop downforce. Uiteindelijk reed ik in niemandsland”, aldus Hamilton na afloop.
Die halve seconde per ronde maakte elke aanval op de rijders voor hem zinloos. Hamilton reed het grootste deel van de race alleen rond, probeerde zo weinig mogelijk te versnellen om zijn banden te sparen en beperkte de schade. Teamgenoot Charles Leclerc won de race maar pakte een tijdstraf van twintig seconden, waardoor Hamilton van zevende naar zesde opschoof in de einduitslag. Colapinto, die door dezelfde straf naar zevende ging, beleefde zijn beste raceweekend in de Formule 1 tot nu toe.
“Het resultaat doet geen recht aan het werk van het team”, zei Hamilton. “Zonder die schade hadden we gewoon in het gevecht gezeten. De auto voelde goed op de rondes naar de grid. Ik dacht echt dat we mee konden doen.”
Hamilton stopt met de simulator
Na de race richtte Hamilton zijn frustratie ook op een ander punt: de Ferrari-simulator. Hij had de weken voor Miami elke week simulator gereden om de afstelling te verfijnen, maar op het circuit klopte er iets niet.
“Je bereidt je voor, je rijdt ronden in de simulator, je stelt de auto af op basis daarvan. Dan kom je op het circuit en werkt het ineens niet”, zei Hamilton. “Dat is het probleem. De correlatie klopt niet.”
Bij een sprintweekend zoals Miami is er maar één vrije training voor de kwalificatie. Grote aanpassingen aan de afstelling zijn dan nauwelijks mogelijk. “Je hebt zes ronden in de kwalificatie om het onder de knie te krijgen. In een ideale wereld was ik begonnen waar Charles stond aan het begin van het weekend, op P1. Dan hadden we een sterker weekend gehad.”
Zijn besluit is duidelijk. “Ik ga niet in de simulator zitten voor de volgende race. Ik blijf wel naar de fabriek gaan voor meetings, maar de aanpak verandert. Naar China gingen we zonder simulatorwerk en dat was mijn beste weekend van het seizoen.”
Snelheidstekort op de rechte stukken
Naast de simulatorproblematiek benoemde Hamilton nog een hardnekkig probleem bij Ferrari. Op de rechte stukken verliest de SF-26 drie à vier tienden op de concurrenten. Dat is een structureel tekort dat los staat van de schade in Miami. Ferrari werkt aan een oplossing, maar wanneer die komt is niet duidelijk. De volgende race op de kalender biedt Hamilton de kans om zijn andere aanpak te testen.
“Weekend om te vergeten”, concludeerde Hamilton kort. “We gaan door en proberen het de volgende keer beter te doen.”