Aston Martin combineert decennia ervaring met sportwagens met een geschiedenis in de Formule 1 die al in de jaren vijftig begon, met een pauze van meer dan zestig jaar ertussen. Sinds de terugkeer in 2021 racet het merk weer onder eigen naam, met zakenman Lawrence Stroll als eigenaar. De ambitie is groot: meedraaien vooraan en op termijn races winnen. De praktijk van 2026 is voorlopig weerbarstiger, met een moeizame seizoenstart en onrust rond de teamleiding.
Fernando Alonso en Lance Stroll vormen het coureursduo. Op de baan ging het de afgelopen jaren met pieken en dalen: van P7 bij de comeback in 2021, via een uitschieter naar P5 in 2023 en 2024, terug naar P7 in 2025 en een lastige start in 2026.
Van sportwagens naar de Formule 1
In de late jaren vijftig deed Aston Martin een eerste, voorzichtige poging in de Formule 1. Veel bracht het niet op: punten bleven uit en het merk legde zijn prioriteit liever bij de 24 uur van Le Mans, een race die het in 1959 won. Na teleurstellende resultaten trok het team zich terug en richtte het zich weer op de bouw van sportwagens voor de openbare weg. Die afwezigheid duurde meer dan zestig jaar, tot Lawrence Stroll het toenmalige Racing Point in 2021 overnam en omdoopte tot Aston Martin.
Terugkeer in 2021 en de overstap naar Honda
Bij de comeback in 2021 racete het team onder de naam Aston Martin Aramco Cognizant F1 Team, met Mercedes als motorleverancier. Die samenwerking hield stand tot en met 2025. Vanaf 2026 stapte het team over op Honda, dat voor de nieuwe motorreglementen een volledig nieuwe krachtbron ontwikkelde: de RA626H. Deze power unit werd speciaal ontwikkeld voor de omvangrijke reglementswijzigingen van 2026 en moet vooral vooruitgang boeken op het vlak van hybride efficiëntie. Aston Martin en Honda presenteerden de motor begin 2026 in Tokio, in aanwezigheid van onder anderen Honda-CEO Toshihiro Mibe en Aston Martin-voorzitter Lawrence Stroll.
Op papier moest die combinatie, samen met de komst van Adrian Newey en een nieuwe fabriek, het team dichter bij de top brengen. In de praktijk zorgden de nieuwe technische regels voor de nodige kinderziektes, ook bij de motor van Honda.
Coureurs en veel beweging in de directiekamer
Fernando Alonso, tweevoudig wereldkampioen, sloot in 2023 aan bij Aston Martin en vormt sindsdien het koppel met Lance Stroll, de zoon van teameigenaar Lawrence Stroll. Lang leek het erop dat Alonso’s contract na 2026 zou aflopen, maar de Spanjaard liet in Hongarije weten dat er al een deal ligt voor 2027. Mocht Alonso toch vertrekken, dan staat Esteban Ocon klaar om hem op te volgen, nu de Fransman aan het einde van 2026 vermoedelijk vertrekt bij Haas.
Ook achter de schermen verandert er veel. Adrian Newey, jarenlang de technische man achter titels bij Williams, McLaren en Red Bull, bond zich in september 2024 voor de lange termijn aan Aston Martin en werd voor het seizoen 2026 benoemd tot teambaas, terwijl voorganger Andy Cowell doorschoof naar de rol van chief strategy officer. Na een moeizame seizoenstart bleek die functie niet houdbaar: het team ging op zoek naar een nieuwe teambaas om de rampzalige start van het 2026-seizoen om te buigen, met Newey zelf die de zoektocht leidde. Namen als Jonathan Wheatley, die eerder dit jaar vertrok als teambaas bij Audi, worden nog altijd genoemd als kandidaat voor de functie. Ook Performance Director Tom McCullough, al dertien jaar verbonden aan het team dat destijds nog onder de naam Force India reed, vertrekt na 2026 naar Red Bull Racing.
Fabriek en infrastructuur
Naast de sportieve kant investeerde Aston Martin in de thuisbasis. Bij Silverstone verrees een nieuwe fabriek van ruim 37.000 vierkante meter, de AMR Technology Campus, met een eigen windtunnel, simulator en erfgoedfaciliteit, bedoeld om alle disciplines onder één dak sneller te laten ontwikkelen.
Resultaten: van P5 naar een moeizaam 2026
Na de comeback in 2021 eindigde Aston Martin als zevende in het constructeurskampioenschap, een resultaat dat een jaar later herhaald werd. In 2023 volgde de sprong naar P5, de beste klassering uit de teamgeschiedenis, een plek die het in 2024 evenaarde. In 2025 zakte het team terug naar P7, en 2026 begon voorlopig als het moeilijkste jaar sinds de terugkeer.
Voormalig coureur David Coulthard blijft ondanks die tegenvaller optimistisch. Ondanks de moeizame eerste seizoenshelft van 2026 verwacht hij dat het team uit Silverstone binnen twee jaar races zal winnen, met als eerste teken van herstel het omvangrijke updatepakket dat Aston Martin op de GP van Hongarije introduceerde. Zelf vat hij het kort samen: “Ik verwacht dat ze binnen twee jaar Grands Prix zullen winnen.” Die voorspelling staat in schril contrast met de tussenstand medio 2026, toen Aston Martin op de tiende plaats stond met slechts één WK-punt, terwijl de verwachtingen vooraf, met Newey, de Honda-samenwerking en de nieuwe windtunnel, juist hooggespannen waren.
Conclusie
Aston Martin heeft sinds de terugkeer in 2021 laten zien dat het serieus werk wil maken van de Formule 1: een nieuwe fabriek, een fabrieksmotor van Honda en de komst van Adrian Newey onderstrepen die ambitie. De resultaten volgen die lijn nog niet consequent: na de uitschieter naar P5 in 2023 en 2024 volgde een terugval, en 2026 is tot dusver het lastigste jaar sinds de comeback.
Ook binnen de organisatie verandert er veel. De zoektocht naar een nieuwe teambaas, het vertrek van een ervaren performance director en de onzekerheid rond de toekomst van Fernando Alonso laten zien dat Aston Martin nog geen rustig vaarwater heeft bereikt. Of de ambities van Lawrence Stroll uitkomen, hangt dan ook af van meer dan alleen een snelle auto.
