McLaren kocht een Mercedes-motor, maar niet de handleiding die erbij hoort. Dat is, kort samengevat, de uitleg die Mercedes zelf geeft voor het prestatieverschil tussen het fabrieksteam en zijn klanten. De constructeursstand laat zien hoe groot dat gat inmiddels is, maar volgens Mercedes staat alles gewoon netjes op papier.
Sinds de invoering van het nieuwe motorreglement dit seizoen klinkt bij McLaren, Alpine en Williams al maanden dezelfde klacht. De motor uit Brixworth presteert in de Mercedes-bolide beter dan in die van de klanten. Vooral McLaren, de directe titelconcurrent van Mercedes, vindt dat opvallend.
Lees ook: Isack Hadjar zou Zandvoort missen: Lawson terug bij Red Bull, Tsunoda naar Racing Bulls
Stella baalt van geheime techniek op Silverstone
Andrea Stella zette de discussie in Melbourne al op scherp door te stellen dat Mercedes ‘veel meer begrijpt’ van de eigen krachtbron dan de klantteams. Hij noemde de informatiestroom vanuit Brixworth ‘niet zoals verwacht’, al vond hij het op zich ‘redelijk genoeg’ dat het Mercedes-fabrieksteam en de motorafdeling nauwer samenwerken dan met externe partijen.
Op Silverstone laaide het onderwerp opnieuw op. Stella zag Mercedes op de rechte stukken gebruikmaken van een ’throttle-lift’-techniek waar zijn eigen team niets van wist. “We waren een beetje verrast, want het is niet iets wat we hebben besproken,” zei de Italiaan. “Ik ben er zelfs niet zeker van of het voor ons beschikbaar is. Het vraagt waarschijnlijk om aanvullende elementen om de motor op die manier te kunnen gebruiken.”
Lees dit soort nieuws ook onderweg in de F1Head app
Gratis beschikbaar voor Android, push-notificaties bij breaking news, WK-standen, kalender en meer.
Lord: het staat allemaal in het contract
Mercedes-woordvoerder Bradley Lord geeft een nuchtere verklaring voor het gat op PlanetF1.com. Volgens hem ligt het probleem niet bij de motor zelf, maar bij de rekentools die nodig zijn om die motor optimaal te benutten. “Alles staat in de regels en alles staat in het contract,” aldus Lord.
Hij noemt McLaren, Alpine en Williams ‘geweldige partners’ die ’terecht veeleisend’ zijn, en wijst erop dat teams juist voor Mercedes kiezen vanwege de goede ondersteuning en het sterke product. De motorafdeling in Brixworth levert volgens hem al jaren op een eerlijke manier aan haar klanten. Het verschil zit hem, zegt Lord, in simulatiesoftware waarmee het gedrag van motor en chassis wordt voorspeld. Die tools zijn deels ontwikkeld door het Mercedes-raceteam zelf, en dat chassis-eigendom mag volgens het technisch reglement niet zomaar gedeeld worden met klanten.
Lees ook: Peter Crolla vertelt hoe hij het Cadillac-raceteam in negen maanden opbouwde
Klantteams moeten zelf investeren
Wie meer uit de Mercedes-motor wil halen, moet dat volgens Lord zelf uitzoeken en betalen. “In sommige gevallen moet er eerst ontrafeld worden voordat elementen aan klantteams geleverd kunnen worden, of moeten de teams zelf werk verzetten en eigen budgetplafond-ruimte investeren om die tools te ontwikkelen,” legt hij uit. Dat is volgens hem een van de lastige kanten van het gloednieuwe reglement, dat ingewikkelder is dan zijn voorganger.
Lord erkent dat het klaarstomen van de motor voor de seizoensopener in Melbourne ‘een enorme klus’ was voor iedereen, en dat de leercurve nog altijd steil is. Zelfs halverwege het seizoen wordt er nog gedebugd, en duiken er zaken op die teams kunnen verrassen.
Cijfers spreken voor zich
Feit is dat Mercedes acht van de elf Grands Prix dit jaar won. Ferrari pakte er twee, McLaren sloot de eerste seizoenshelft af met een zege in Hongarije. In de WK-stand heeft Kimi Antonelli inmiddels vijftig punten voorsprong op teamgenoot Lewis Hamilton, terwijl Mercedes bij de constructeurs 72 punten uitloopt op Ferrari. Wie dat verschil puur wil verklaren met contractvoorwaarden en simulatietools, gaat voorbij aan een simpelere waarheid: wie de motor bouwt, bepaalt ook wie er het meest uit haalt.