Geen woord over pech. Geen verwijzing naar rivalen, stewards of toeval. Lewis Hamilton keek na de Grand Prix van België recht in de camera van Sky en wees naar één schuldige: zichzelf. “Ik beschouw het zelf niet als pech hebben. Ik denk aan de fout die ik zaterdag maakte,” zei hij. “Ik neem dan ook de volledige verantwoordelijkheid voor de vierde plaats waarop ik finishte, want ik beschadigde de auto.”
Die uitspraak is opvallender dan ze klinkt. Een coureur die na een dubbel incidentenweekend gewoon zegt: het lag aan mij. Geen omweg, geen relativering.
Lees ook: Red Bull overweegt Tsolov als vervanger van Lawson voor 2027
Een crash die alles in gang zette
Het begon zaterdag, tijdens de laatste vrije training op Spa-Francorchamps. Hamilton nam bocht 13, de Fagnes-chicane, met te veel snelheid mee, schoot door het grind en raakte de vangrail met zijn rechterachterwiel. De schade aan zijn SF-26 was aanzienlijk, met name aan de rechterachterophanging.
Ferrari herstelde de auto op tijd voor de kwalificatie, maar niet zonder gevolgen. “Ze misten iets aan de ophanging,” aldus Hamilton. “De balans was compleet anders. Dat betekende dat ik in de kwalificatie waarschijnlijk zo’n drie tienden trager was dan ik had moeten zijn.” Het resultaat: zesde plaats, twee duizendsten achter teamgenoot Charles Leclerc.
Lees dit soort nieuws ook onderweg in de F1Head app
Gratis beschikbaar voor Android, push-notificaties bij breaking news, WK-standen, kalender en meer.
Van slechte startpositie naar domino-effect
Wat volgende was, noemt Hamilton zelf een domino-effect. Op de openingsronde raakte hij bij Les Combes zijn voormalig teamgenoot George Russell, die de grindbak in spinde en moest opgeven. De stewards gaven Hamilton een tijdstraf van vijf seconden, terwijl Russell het incident zelf als een race-incident bestempelde.
Alsof dat niet genoeg was, ging het ook mis in de pitstraat. Hamilton kreeg groen licht terwijl een monteur nog aan zijn voorvleugel werkte, met een aanrijding tot gevolg. De FIA sprak Hamilton vrij van schuld, maar Ferrari kreeg alsnog een boete van 30.000 euro wegens een onveilige release. Doordat zijn voorvleugel niet werd aangepast, worstelde Hamilton daarna extra op de harde band.
Lees ook: Verstappen wil goede vorm Spa doortrekken naar Hongarije
Ferrari stond dichterbij de zege dan het resultaat doet vermoeden
Ondanks alles bleef Hamilton overtuigd van het onderliggende tempo van de SF-26. “Ik denk dat onze racesnelheid, zonder de schade, goed genoeg zou zijn geweest om voor de overwinning te strijden,” zei hij. Teamchef Fred Vasseur onderschreef die lezing en prees de veerkracht van de ploeg na de crash in de vrije training.
Voor het eerst dit seizoen voelt Hamilton zich naar eigen zeggen bemoedigd door de strategische keuzes van Ferrari. “Het team heeft geweldig werk geleverd met strategie en pitstops. We blijven de auto verbeteren,” aldus de Brit, die tweede staat in de WK-stand achter Kimi Antonelli.
Conclusie
Een coureur die zijn eigen fout benoemt, klinkt sympathiek. Maar het zegt vooral iets over de staat van Ferrari dit seizoen: een auto die, zonder tegenslag, blijkbaar kan meevechten om de zege. De vraag is niet of Hamilton zijn fout toegeeft. De vraag is of Ferrari in Hongarije alsnog laat zien dat die snelheid geen toeval was.