Foto: Zuma Press

Mercedes verklaart Wolffs uitspraak over gebrek aan ontwikkelingsbudget

4 min ·

Toto Wolff heeft een uitspraak gedaan die nu om uitleg vraagt. Na de nederlaag van Kimi Antonelli op Zandvoort zei de Mercedes-teambaas dat zijn team “het geld niet heeft” om nog meer ontwikkeling op de auto te zetten. Een opvallende bekentenis voor een team dat het kampioenschap aanvoert, en genoeg reden voor Mercedes om uit te leggen wat er werkelijk achter dat ontwikkelingsbudget schuilt.

Over de zwakte die Mercedes op Zandvoort trof, is eerder al geschreven. Dat verhaal ging over een technisch raadsel op de baan. Dit verhaal gaat over wat er achter de schermen speelt: een team dat binnen de cost cap moet kiezen tussen updates, reserveonderdelen en personeel.

Lees ook: Bottas: contract bij Cadillac voor 2027 staat los van vertrek Lowdon

Het ontwikkelingsbudget van Mercedes onder de loep

Wolff zelf hield vast aan zijn standpunt dat de vroege investeringen dit seizoen geen vergissing waren. “Hebben we in het begin te veel uitgegeven aan de eerste ontwikkeling? Ik denk het niet”, zei hij. Mercedes koos er bewust voor om zwaar te investeren in de voorbereiding op het nieuwe reglement, en dat leverde de vroege voorsprong op die het team het grootste deel van het seizoen vasthield.

Adjunct-teambaas Bradley Lord gaf bij de Nu Silver Arrows Radio Show een toelichting die verder gaat dan Wolffs korte verklaring. Volgens hem is het probleem niet uniek voor Mercedes, maar de realiteit voor elk team onder de cost cap. “Formule 1-organisaties moeten personeelskosten en salarissen afwegen tegen het geld dat beschikbaar is voor hardware”, zei Lord, zo tekent Crash.net op. “Ze moeten bepalen hoeveel van de huidige auto dit jaar is gemaakt in plaats van vorig jaar, hoeveel reserveonderdelen ze produceren en hoeveel voorraad ze aanhouden bij de fabriek en bij het raceteam.”

Lees dit soort nieuws ook onderweg in de F1Head app

Gratis beschikbaar voor Android, push-notificaties bij breaking news, WK-standen, kalender en meer.

Download app

Lord noemde de windtunnel als voorbeeld van waar de echte afweging zit. Mercedes blijft daar prestatie vinden, maar de vraag is wanneer die virtuele winst wordt omgezet in een echt onderdeel. “Bij een vloer bijvoorbeeld: maak je een nieuwe zodra je prestatie vindt, of stem je de upgrade af op het moment dat er sowieso een nieuwe vloer nodig is om het seizoen uit te rijden? Die efficiëntie vinden is de kunst binnen de wetenschap. Een team dat moet inlopen maakt andere keuzes dan een team dat leidt.”

McLaren gelooft het verhaal niet

Niet iedereen nam de uitleg zomaar aan. De McLaren-teambaas reageerde droog op Wolffs claim: “Ik zou het graag willen geloven, maar ik geloof het eigenlijk niet.” Die scepsis komt niet uit de lucht vallen. McLaren en Ferrari hebben de afgelopen periode juist het tempo bepaald met upgrades, en de vorm van McLaren baart Mercedes intern al langer zorgen. Wolff zelf heeft zich eerder hardop afgevraagd hoe Ferrari en McLaren het voor elkaar krijgen om voortdurend met nieuwe onderdelen naar het circuit te komen, een situatie die de rivalen bij elkaar vier racezeges heeft opgeleverd in de recente Grands Prix.

Lees ook: Schumacher blijft, maar bij welk IndyCar-team is nog een raadsel

Wat Shovlin toevoegt over de vloer en de carrosserie

Trackside engineering director Andrew Shovlin gaf de meest concrete cijfers. Mercedes zal dit seizoen naar verwachting één vloer en één carrosseriepakket minder produceren dan Ferrari en McLaren. “Je zou bij elke race nieuwe onderdelen kunnen introduceren als je het geld had om ze te fabriceren, eventueel met uitbestede capaciteit. De belangrijkste beperking is geld”, zei Shovlin. “We zouden ons zorgen maken als het prestatietekort groter zou zijn dan de winst die we al klaar zien liggen in de windtunnel. Dat is niet het geval.”

Shovlin voegde daar een nuance aan toe die het verhaal minder somber maakt dan Wolffs eerste uitspraak deed vermoeden. Volgens hem komt een groot deel van het huidige beeld voort uit de fasering van updates, al liet Zandvoort ook de vraag achter of Mercedes wel het maximale uit de auto haalde. “Deze nek-aan-nekstrijd is grotendeels wat we op dit punt van het seizoen verwachtten, misschien zelfs iets beter. Ons grotere pakket is gericht op het blok flyaway-races later dit jaar. We kijken ernaar uit, maar we genieten ook van de huidige uitdaging. George pakte pole voor de Sprint, en we kwalificeerden ons tweede en derde voor de Grand Prix. We zijn niet uit beeld verdwenen.”

Een verhaal van timing, niet van armoede

Het beeld dat oprijst is niet dat van een team zonder middelen, maar van een team dat binnen de grenzen van de cost cap moet kiezen wanneer het zijn kruit verschiet. Mercedes leidt zowel de coureurs- als de constructeursstand ruim, en die positie geeft het team de rust om updates te faseren in plaats van ze bij elke race te forceren. Of die keuze standhoudt, hangt af van hoeveel Ferrari en McLaren de komende races nog weten toe te voegen aan een auto die inmiddels twee keer op rij heeft gewonnen. Het antwoord komt pas echt in beeld bij het aangekondigde grotere pakket voor de flyaway-races later dit jaar.