Een coureur die openlijk toegeeft dat het goed presteren van een teamgenoot elders zijn eigen kansen kleiner maakt, hoor je niet vaak. Oliver Bearman doet het wel. De Haas-coureur, al sinds zijn Formule 3-jaren onderdeel van de Ferrari-familie, ziet hoe Lewis Hamilton zich bij de Scuderia herpakt en inmiddels tweede staat in het kampioenschap. Voor Bearman is dat goed nieuws voor de Formule 1, maar slecht nieuws voor zijn eigen carrièreplanning.
“Er is de afgelopen zes maanden veel veranderd”, zei Bearman in de podcast Beyond The Grid. “Als fan van de Formule 1, en fan van Lewis, is het best gaaf om hem nu op dit niveau te zien presteren. Hem in Barcelona op de hoogste trede van het podium zien staan, was iets speciaals voor elke Brit in de sport. Er stonden drie Britten op het podium, met de beste Britse coureur die we ooit hebben gezien op P1.” Toch erkent hij het pijnpunt meteen. “Wat mijn eigen toekomst betreft is dat niet ideaal. Maar ik ben nog jong, pas 21. Ik heb geen haast.”
Lees ook: 50 jaar geleden: het ongeluk van Niki Lauda op de Nürburgring
Van jagen op Red Bull naar niets te verliezen
Dat relativerende geduld past bij hoe Bearman ook naar zijn seizoen bij Haas kijkt. Met een zevende plaats in Australië en een vijfde in China begon hij sterk. “We hadden een echt concurrerende auto. Geloof het of niet, in de eerste races vochten we tegen Red Bull”, blikt hij terug. In de eerste drie races pakte hij zelfs meer punten dan Max Verstappen zelf.
Van dat momentum is weinig over. Sinds de Grand Prix van Canada, waar Bearman zijn laatste WK-punt scoorde, bleef het team met lege handen staan. Een nieuw pakket onderdelen in Montreal bracht niet de verwachte sprong. “We hebben dat toen geïntroduceerd, maar het gaf de auto niet de winst die de concurrentie wel wist te vinden.” Audi, Racing Bulls en Alpine, ooit gelijkwaardige tegenstanders, trokken een stuk weg. “Al die teams hebben een flinke stap gezet. De tijd sinds Canada duurde echt lang.”
Lees dit soort nieuws ook onderweg in de F1Head app
Gratis beschikbaar voor Android, push-notificaties bij breaking news, WK-standen, kalender en meer.
Bearman wijst niet naar zichzelf of het team als probleem. “We hebben het maximale uit de auto gehaald, en ik heb het maximale uit mezelf gehaald. Maar als dat maximum plek 14, 13 of 12 betekent, wordt het op een gegeven moment frustrerend.” In de WK-stand staat Bearman inmiddels wel duidelijk voor teamgenoot Esteban Ocon: 18 punten tegen 3. Toch noemt hij de situatie binnen Haas ‘ingewikkeld’, met grote schommelingen in de prestaties van de auto. “De balans kan van de ene op de andere dag veranderen, zonder dat we het zien aankomen.”
Hongarije als dieptepunt
Die onvoorspelbaarheid kreeg in Hongarije een pijnlijk gezicht. Bearman strandde al in Q1 en moest vanaf plek 17 starten, het laatste raceweekend voor de zomerstop. In de race kreeg hij ook nog een tijdstraf van vijf seconden voor het te lang ophouden van Isack Hadjar onder blauwe vlaggen. Hij finishte als negentiende en laatste, twee ronden achter winnaar Lando Norris.
Lees ook: Liberty Media werkt aan MotoGP-demo op Circuit of the Americas
“Dit was zeker het slechtste weekend van het jaar”, zei Bearman na afloop. “Ik voel me rot om de straf voor Hadjar, want eerlijk gezegd was het daarbuiten een nachtmerrie. Je rijdt eigenlijk door het infield, hebt geen tijd om in de spiegels te kijken, en in bijna elke ronde kreeg ik een blauwe vlag te zien.” Hij benadrukte dat er geen kwade opzet in het spel was. “Ik reed een ronde achter. Ik probeer niets verkeerds te doen. Maar het spijt me natuurlijk voor iedereen wiens race ik mogelijk heb verstoord.”
Blijven leren bij Haas
Voorlopig blijft Bearman dus bij Haas, en dat vindt hij niet erg. “Het is voor mij ook niet slecht om in de nabije toekomst hier te blijven. Ik heb het gevoel dat ik veel kan leren bij dit team, er valt nog veel te bereiken.” Hij verwijst naar de hoogtepunten van vorig jaar, zoals Mexico, als voorbeeld van wat er mogelijk is. “Ik wil niet dat we het team worden waarmee ik een goed eerste jaar had, waarna het alleen maar lastiger werd om te presteren.”
Wat blijft is een coureur die wacht op twee dingen tegelijk: een sneller pakket voor zijn team en een leeg stoeltje bij Ferrari. Beide liggen buiten zijn eigen handen, en dat is misschien wel het meest ongemakkelijke deel van zijn hele verhaal.